Lessuggestie 1 Carnavalskrakers

Het Kinderliekusfist

In 1997 heeft Basisschool de Beemd als eerste het Kinderliekusfist gewonnen. Het evenement werd de eerste jaren gehouden in Partycentrum de Lindeboom maar sinds 2012 staat het City Theater op zijn kop. Elk jaar weer strijden er ongeveer 10 groepen om de felbegeerde grote wisselbokaal. Winnen is natuurlijk geweldig maar meedoen aan dit evenement is op zich al een hele belevenis. Alle deelnemers krijgen dan ook nog een herinneringsmedaille mee naar huis.

Bekijk Winnaars Kinderliekusfist

De groepen (basisscholen, sportvereniging, vriendenclub etc.) schrijven een tekst op een bestaande melodie, die ze geloot hebben, afkomstig van het grote Liekusfist van vorige jaren.

Wat heb je nodig?

LINK: Filmpje van het Kinderliekusfist

LINK: Filmpje van het Kinderliekusfist 2016

LINK: Werkblad Carnavalskrakers

Lesverloop: 

De leerkracht kijkt samen met de klas het filmpje van het Kinderliekusfist en houdt een gesprek met de leerlingen over het Kinderliekusfist. Weten ze wanneer het voor de eerste keer georganiseerd is? Wat de regels zijn? Hoe komen de deelnemers aan de muziek voor het liedje? De leerkracht laat een paar liedjes horen die gewonnen hebben bij het grote liekusfist. Daarna gaan de kinderen in groepjes het werkblad maken.

 

Tip! Laat de leerlingen in groepjes een carnavalsliedje voorbereiden voor de weeksluiting. Sommige carnavalsliedjes hebben wat schunnige teksten. Let hier goed op bij de liedjes waar de leerlingen mee komen.

 

 


Lessuggestie 2 Wie heeft de steek van jeugdprins…?

Installatie van Prins carnaval

Voorafgaand aan het 11-11 bal gebeuren er twee zaken. De prinsenclub neemt afscheid van de vorige prins. De minister van staat wordt geïnstalleerd door de oud prins zodat Schorsbos toch geregeerd blijft in de periode zonder vorst. De minister van staat ontneemt de prins zijn scepter en zijn steek alsmede zijn cape, ook de prinsen-medaille moet hij inleveren. Op dat moment is de minister van staat de hoogste in rang en blijft dat tot de nieuwe Prins bekend wordt gemaakt en wordt geïnstalleerd. De raad van elf treedt dan ook af en heeft al de steek en de onderscheiding afgedaan.

De burgemeester gaat vervolgens zijn raad installeren. Elk lid krijgt zijn steek op en de onderscheiding omhangen. Via een act kan de oude prins worden afgevoerd en de nieuwe worden begroet. De minister van staat installeert de nieuwe prins waarna eenieder met hem kan kennis maken. De prins kiest zijn adjudant en installeert hem. De prins maakt zijn carnavalstitel die hij gaat voeren bekend.

De taken van de prinsenclub

De burgemeester neemt de sleutel van Schorsbos in ontvangst en samen met de raad besturen zij tijdens carnaval Schorsbos, een persiflage van de plaatselijke gemeenteraad.

De adjudant is de rechter hand van de prins. Hij begeleidt de prins bij alle optredens en zorgt ervoor dat hij niets te kort komt. Zelf mag de prins bijvoorbeeld geen pilsje gaan halen. De adjudant zorgt er tevens voor dat de hoogheid niet wordt lastig gevallen en dat de prins altijd een waardige rol uitstraalt.

De hofcommissaris zorgt ervoor dat het protocol goed wordt uitgevoerd en houdt toezicht op de raad van elf.

Tijdens de carnavalsdagen vervangt de minister van staat het bestuur en doet namens het bestuur voordrachten voor mensen die in aanmerking komen voor een medaille.

Prins, adjudant en hofcommissaris zijn een persiflage van het koninklijk huis.

Lesverloop:

Alle kinderen zitten in een kring. De leerkracht begint de les door om en om met twee handen op de bovenbenen te slaan en te klappen in zijn of haar handen. (benen, klap, benen, klap) en vraagt de leerlingen om mee te doen.

Als iedereen meedoet begint de leerkracht te praten op het ritme.

Wie weet er iets van jeugdprins…?

Dat is de baas van carnaval.

Weet je daar wat van.. nou vertel het dan!

Iedereen stopt met klappen en de leerkracht houd een gesprek met de leerlingen over de jeugdprins.

Het spel:

Wie heeft de steek van jeugdprins(es)….? (Naam invullen van de jeugdprins(es) van dit jaar)

De leerlingen maken dezelfde hand-klap beweging als in het begin van de les en zeggen dit versje op. (voor de duidelijkheid zijn er wat verzonnen namen ingevuld)

(1e kind)        Peter heeft de steek van jeugdprins Jan!

(Peter)           Wie ik?

(Allen)           Ja jij!

(Peter)           Ik niet!

(Allen)           Wie dan?

(Peter)           Julia heeft de steek van jeugdprins Jan!

(Julia)            Wie ik?

(Allen)           Ja jij!

(Julia)            Ik niet!

(Allen)           Wie dan?

(Julia)            Michelle heeft de steek van jeugdprins Jan!

Enz. Enz.

Zo kunnen alle leerlingen aan de beurt komen. Probeer dat het blijft lopen op het ritme. De leerlingen moeten dus heel goed opletten of ze hun naam horen.

 

Tip! Bij een lange naam kun je jeugd weglaten bij jeugdprins(es).